De laatste reis?

Niet dat ik denk binnenkort dood te gaan, maar als ik ga, dan mogen ze dit gedicht van V. Dahlqvist wel voorlezen. Het is een gedicht zo luchtig dat het de angst verzacht, vind ik. Het is zo begrijpelijk, zo eenvoudig. Misschien is doodgaan eenvoudig. Niets om bang voor te zijn. Gewoon floep, van de ene staat in de andere. Maar de oorzaak en het proces van sterven geven me toch te denken. Ik hoop op een mooie dag zonder gedoe in te slapen. Maar je weet niet hoe het uiteindelijk gaat. In mijn hoofd kunnen zich onprettige scenario’s afspelen, dingen die ik heb meegemaakt of die indruk hebben gemaakt op de tv. En echt zwaar is het verdriet dat iemands overlijden veroorzaakt. Vooral bij degenen die dichtbij staan. Het is ook moeilijk om niet zelf verdrietig te worden door andermans verdriet. Maar als ik me voorstel hoe het zal zijn als ik niet meer in leven ben, dan lijkt me dat eigenlijk best oké. Ik denk in elk geval niet hier te blijven rondspoken en mensen de stuipen op het lijf te jagen. Als ik al iets met het aardse leven te maken zou hebben daar aan de andere kant, dan lijkt het me bijvoorbeeld wel leuk om kleine energiestootjes te kunnen sturen naar mensen als dat even nodig is. Het gedicht heet ‘De laatste reis’. Is het echt de laatste reis? Is dit als het ware mijn enige kans? Hmm, het voelt niet zo. Maar misschien wel als de persoon Nicolette. Dus lees gerust Dahlqvists gedicht voor als ik ben gestorven. Want als het op een dag zover is, dan is het ook mooi geweest voor deze keer.

De laatste reis – Valdemar Dahlqvist (1888 – 1937)

Ik heb m’n kaartje gekocht en sta
op het perron
Een wonderlijke trein …
Het is de laatste keer dat ik reis
maar weet niet
waarheen en op welke wijze
Ik vroeg of er ook een retourtje was
Toen glimlachte hij
in het loket,
stak zijn neus naar buiten en zei
dat het een enkele reis was
Zo onvoorstelbaar enkel.

Dus ga ik in mijn slaapcoupé
bagage heb ik niet mee
Alles ziet er zo wonderlijk uit –
hier is de conducteur
zonder uniform of fluit
hij draagt een zeis –
Ik weet hij is de dood, hij kent de afloop
van de menselijke reis.

Merkwaardig dat ik niet bang ben
ik lig zo stil in mijn bed
Hij lacht zo vriendelijk, hij knipt
het kaartje voor de laatste reis
naar hemelse vertrekken
Hij mompelt vaderlijk:
“Erger wordt het niet,
slaap zacht en gerust
Ik zal je niet wekken.”

(de Nederlandse vertaling is van mij)

De donkerste tijd van het jaar

Ik heb een heel klein vriendje
tot wie ik mij graag wend                                                                
als ik er niet uitkom,
die mijn problemen kent.                                                               
Hij toont mij de gevoelens
waar ik naar kijken moet                                                                 
en die de sleutel vormen
tot een gedachtengoed                                                                   
waarin de oorzaak van de pijn ligt.
Als ik dat dan heb doorgelicht                                                       
krijg ik van binnen weer wat ruimte
en op mezelf een beter zicht.                                                                                    

Nu is het december
Kerst staat voor de deur.                                                                 
Ik zou m’n vriendje willen vragen:
Waarom heb ik zo’n slecht humeur?                                          
Ze zeggen toch dat Kerst een feest van licht is
in de donkerste tijd van het jaar                                                  
en dat het voor iedereen is,
niet alleen maar voor een paar.
                                                         
Dat zou ik wel willen vragen, maar het kan nu niet!

Anders is het altijd zo dat
de belevenissen van mijn kameraad                                          
gewoon dagelijkse dingen
laten zien om welk gevoel het gaat.                                           

Hij is nog jong mijn vriend
komt uit de kindertijd.                                                                      
Speels en vooral nieuwsgierig is hij,
en van een ongedwongen vriendelijkheid.                             
Nooit zonder zijn lievelingsspeelgoed,
dat is een wonderlijke bal                                                               
die door kleur, patroon en toon
mijn gevoel uitdrukt vooral.

Maar nou, net nu, in de donkerste tijd van het jaar, kan het niet.

Waarom kan het niet?
Het antwoord ligt zo voor de hand:
Mijn kleine vriendje
komt namelijk uit Kikkerland.                                                        
Ergens diep verscholen in de modder
brengt hij de winter door,
houdt zich niet bezig met de Kersttijd.
Nee, hij ligt lekker op één oor.                         
Een verrassende ontdekking                            
ik had er nooit bij stilgestaan.
Midden in al mijn kerstgepieker
is er toch een lichtje opgegaan.                                                    

Uiteindelijk kan je alleen maar zijn
wie je in wezen bent.
Al die verwachtingen in deze tijd,
al dat verlangen dat je kent
en hoe het ook verpakt is,
in familiefeesten of in eenzaamheid,
een diepe wens jezelf te mogen zijn
heeft denk ik tot dit feest geleid.